Onderzoeksrapporten
Hier vindt u een overzicht van onderzoeksrapporten van Rijkswaterstaat, conform Woo artikel 3.3 lid 2 letter j.
Op deze plek publiceert Rijkswaterstaat de eigen openbare rapporten uit de periode 1822 tot heden en de openbare rapporten die in opdracht van Rijkswaterstaat opgesteld zijn. De databank omvat circa 64.000 rapporten in pdf-formaat.
Zoeken in de index
Dit rapport geeft een toelichting op het samenstellen van de zoete ecotopenkaart Rijn-Maasmonding 2024. Ecotopenkaarten zijn onderdeel van het biologische monitoringsprogramma ‘MWTL’ van Rijkswaterstaat-Water, Verkeer en Leefomgeving (RWS-WVL)
Onderzoek naar de impact van lange golven (infra-gravity golven) op dijk oploop en overslag. Deze zijn nu niet opgenomen in het Beoordelings- en Ontwerpinstrumentarium (BOI). Het advies is deze wel op te nemen in het BOI.
De Kaderrichtlijn Water (KRW) verplicht lidstaten om in alle waterlichamen een Goede Ecologische Toestand (GET, voor natuurlijke wateren) of Goed Ecologisch Potentieel (GEP, voor sterk veranderde of kunstmatige wateren) te bereiken. Voor de waterlichamen Waddenzee, Waddenzee vastelandskust en Eems-Dollard zullen de doelen voor het kwaliteitselement Overige waterflora niet vóór 2027 worden gehaald. In Deel 1 van de opdracht (Goedknegt et al., 2026) is een wetenschappelijke onderbouwing gegeven voor een doelverlaging of technische doelaanpassing voor de maatlat Overige waterflora in deze waterlichamen. Deel 2 van deze opdracht geeft een formulering en onderbouwing van nieuwe doelen.
Dit rapport beschrijft het functioneren van de Westerschelde. In dit dynamische estuarium staan verschillende randvoorwaarden onder druk. Door sterke menselijke ingrepen, zoals vaargeulverdiepingen en harde oeverbescherming, is de morfologie veranderd en neemt de natuurlijke variatie af.
In 2025 heeft Rijkswaterstaat voor de 6e keer onderzoek laten uitvoeren naar de hoeveelheid zwerfafval langs snelwegen. Op 30 verzorgingsplaatsen, langs 55 afslagen en langs 25 verbindingswegen van knooppunten zijn metingen uitgevoerd. Dit jaar is het meetnet uitgebreid met 52 rechtstanden. Uit het rapport blijkt dat deze onderdelen van het areaal overwegend als “vuil” zijn te betitelen (= beeldkwaliteit C van de CROW systematiek).
Ondanks inspanningen van gemeenten om inwoners van laagbouwwoningen Groente-, Fruit- en Etensresten (GFE) te laten scheiden, bestaat het restafval nog steeds voor circa 30 - 35% uit GFTE. IPR Normag onderzoekt in opdracht van VANG Huishoudelijk Afval wat de effectiviteit is van verschillende in de praktijk toegepaste methoden om het scheiden en inzamelen van gfe in de laagbouw te stimuleren.
Op basis van meetgegevens van het proces voor drinkwaterbereiding zijn de persistentie en mobiliteit van diverse stoffen berekend. Deze waarden zijn vergeleken met de P- en M-scores uit de PMT-screening tool van het RIVM. In dit onderzoek is een aanpak uitgewerkt, zijn criteria voor de verwerking opgesteld en zijn in totaal 61 stoffen beoordeeld. Uit de beoordeling van deze 61 stoffen komt naar voren dat persistentie afhankelijk is van de locatie (of het systeem). Zo bleek dat in systemen met een bodem- of duinpassage de persistentie van stoffen veelal lager was dan in systemen met een spaarbekkenpassage.
Dit deelproject van Kennis voor Keringen draagt bij aan het onderzoek in het KIA Piping op Veldschaal. Het betreft de verkenning van een handelingsperspectief voor omgang met 3D effecten.
- 1
- ...
- 6540
- volgende pagina