Langs het Amsterdam-Rijnkanaal zijn faunauittreedplaatsen (FUP’s) aangelegd om de barrièrewerking van het kanaal voor terrestrische fauna te beperken. De effectiviteit van deze voorzieningen hangt samen met zowel hun ligging ten opzichte van migratieroutes als met hun ontwerp. In dit onderzoek is onderzocht in hoeverre bestaande FUP’s aansluiten bij potentiële migratieroutes van de ree (Capreolus capreolus) en de steen- & boommarter (Martes), en in hoeverre het ontwerp van deze FUP’s functioneel gebruik door deze doelsoorten ondersteunt.
auteur(s): Dijk, B.L. van