Quickscan precisie en betrouwbaarheid KRW-monitoringsprogramma's
In de Kaderrichtlijn Water staat dat de Lidstaten aan moeten geven wat de precisie en betrouwbaarheid van respectievelijk de toetswaarden en beoordelingen van het KRW-monitoringsprogramma zijn. De resultaten van het onderzoek naar geschikte statistische methoden voor het bepalen van de precisie en betrouwbaarheid van de KRW-monitoringsprogramma's worden beschreven. Hoofdstuk 2 beschrijft de ontwikkeling van de statistische methode. Deze mondt uit een stroomschema dat de waterbeheerder kan gebruiken om de centrummaat (jaargemiddelde), precisiemaat (standaard deviatie) en betrouwbaarheidsmaat (90% betrouwbaarheidsinterval en overschrijdingskans) te berekenen. In hoofdstuk 3 wordt dat stroomschema gepresenteerd. In hoofdstuk 4 worden de berekeningen voor een aantal stoffen en kwaliteitselementen gepresenteerd. In hoofdstuk 5 staat ook een aantal cases beschreven waarin wordt ingegaan op de ruimtelijke en spatio-temporele variatie van een aantal verschillende parameters. In hoofdstuk 6 komen de resultaten van een enquete onder waterbeheerders aan bod. Tenslotte levert het een aantal aanbevelingen voor verbetering van de KRW-monitoringsprogramma's.