Evaluatie grondwatermeetnet van Oostelijk en Zuidelijk Flevoland en het aangrenzend oude land
Ruim voor de drooglegging van de zuiderzeepolders Oostelijk en Zuide- lijk Flevoland (1956 resp. 1967) is een grondwaterstijghoogtemeetnet aangelegd in en rondom deze polders. In totaal zijn er circa 500 waarnemingsbuizen geplaatst. In deze studie zijn de geohydrologische veranderingen onderzocht die op zijn getreden als gevolg van aanleg van de Flevopolders. Nagegaan is via tijdreeksanalyse van stijghoogte gegevens van een 7-tal peilbuisraaien - die representatief kunnen worden geacht voor het gebied - in hoeverre de stijghoogteveranderin- gen door de inpolderingen zijn beëindigd ; welke eindverlagingen waar zijn opgetreden en wanneer de verlagingen zijn gestopt. Het was daar- bij zaak de trendmatige veranderingen in de grondwaterstijghoogte als gevolg van andere invloeden, zoals de meerjarige variaties in de nut- tige neerslag en lokale grondwaterwinningen te scheiden van de gevol- gen van de polderaanleg. Uit het onderzoek kan worden geconcludeerd dat tot ca. 15 jaar na de aanleg van een Flevopolder de grondwater- stijghoogte onder en in de naaste omgeving van de polder is blijven dalen. Vanaf begin jaren 80 zijn er geen dalingen van betekenis meer waar te nemen. De inpolderingen hebben slechts beperkte en plaatse- lijke invloed gehad op de grondwaterstijghoogten in het ondiepe en freatische grondwater op het oude land tussen Kampen en Amsterdam.
- Datum rapport
- 1 januari 1989
- Auteur
- F.A.M. Claessen, J.E. van de Weijer, E.A. Kasemier; Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Dienst Binnenwateren/RIZA
- Uitgever
- Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Dienst Binnenwateren (RWS, DBW).
- Annotatie
-
25, [2] p.
bijl., graf., krt. ; 30 cm
Nota nr. 88.047. - Met samenvatting. - Met lit. opg. : p. 24-25 - Documentnummer
- 107650