Financiële infrastructuur van het collectieve bouwonderwijs
Doet verslag van een inventarisatie van het bouwtechnisch onderwijs en de daarbij behorende financiële stromen bij ministeries, branche-organisaties, O&O-fondsen, bedrijfsschappen, scholingsfondsen en bedrijven v.w.b. het jaar 1989. Schetst allereerst de achtergronden, het doel en de vragen van het onderzoek. Bakent tenslotte het onderzoekterrein nader af. Geeft per onderwijsniveau een overzicht van o.m. het aantal leerlingen/studenten, het aantal geslaagden, de financiële stromen, de totstandkoming van het onderwijsprogramma en de resultaten van de enquête onder de scholen. Geeft per financier een overzicht van de uitgaven t.b.v. het bouwonderwijs en de achterliggende motivatie. Tot slot wordt het geheel afgesloten met de belangrijkste conclusies.
- Datum rapport
- 1 januari 1992
- Auteur
- rapporteurs E.M.M. Verberg, F.A.P.M. Heere; [voorw. K.J. Moning] Research voor Beleid
- Uitgever
- Stichting Bouwresearch (SBR).
- Annotatie
-
schema's , tab. , fig. ; 30 cm.
In opdracht van het ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu (Directie Coördinatie Bouwbeleid) , Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, O&O fonds loodgieters fitters- en centrale verwarmingsbedrijf (OCL) en SBR. - In studiecommissie had zitting A.J.J. Hendriks (RWS)(Eerkdocument ; 71) - Documentnummer
- 181568