Waterbeweging door scheepvaart op rivieren en in kribvakken : Bureaustudie
Op de Nederlandse rivieren is geconstateerd, dat in verscheidene kribvakken erosie van de kribvakbodem optreedt en dat de oeverlijn van kribvakken terugschrijdt. De vermoedelijke oorzaak is het toegenomen scheepvaartverkeer en het aandeel daarin van de duwvaart. De ervaring heeft geleerd, dat de huidige beschikbare methode voor het berekenen van de scheepsgeïnduceerde waterbeweging op de rivier en in de kribvakken niet toereikend is om op basis daarvan voorspellingen te doen ten aanzien van de eventuele erosie van kribvakbodems en de stabiliteit van kribvakoevers. Rijkswaterstaat acht het daarom gewenst te kunnen beschikken over een adequate berekeningsmethode voor de scheepsgeïnduceerde waterbeweging op riviertrajecten met kribvakken om die erosie te kunnen bepalen. Het houdt ook verband met plannen voor het milieuvriendelijk inrichten van deze kribvakken.
- Datum rapport
- 1 januari 1991
- Auteur
- A.P.P. Termes, M. van der Wal en H.J. Verhey; Waterloopkundig Laboratorium
- Uitgever
- Waterloopkundig Laboratorium (WL) = Delft Hydraulics Laboratory.
- Annotatie
-
108
69 p. in verschillende pagineringen : appendix., fig.
Q 1046
In opdracht van [Ministerie van Verkeer en Waterstaat] Rijkswaterstaat (RWS)(10) - Documentnummer
- 158575