Vergelijking van de biologische afbraak in zeewater van 4-chloorfenolen 2.4-dichloorfenol in model-ecosystemen en in laboratoriumtoetsen /A.O. Hanstveit ; Organisatie voor Toegepast-Natuurwetenschappelijk Onderzoek, Hoofdgroep Maatschappelijke Technologie
Met het doel de relatie tussen de biodegradatie van chemische stoffenin laboratoriumtoetsen en het natuurlijke zeewatermilieu te onderzoeken, werden in de periode 1978-1980 drie experimenten uitgevoerd waarin de biodegradatie van 4-chloorfenol (4-CP) en 2.4-dichloorfenol (DCP) in concentraties van 0,1, 0,3 of 1 mg.l.-1 toegevoegd aan model ecosystemen (MES, zeewater opgesloten in plastic zakken) en aan zeewater in laboratorium substraatafnametoetsen met schudkolven. In de MES-toetsen, die 4-6 weken duurden werd zowel de concentratie van de stoffen (m.b.v. HPLC) als de effecten op de planktongemeenschap bestudeerd. Zowel in de MES als in de laboratoriumtoetsen werd de bacteriëngroei geanalyseerd. In laboratoriumtoetsen werden ook analyses van metabolieten uitgevoerd.
- Datum rapport
- 1 januari 1982
- Annotatie
-
49 p.
ill., graf. ; 30 cm
Rapport nr.: MD-N&E 82/1
Met lit. opg.
Met samenvatting
In opdracht van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat Rijkswaterstaat, Directie Noordzee (RWS, NZ) - Documentnummer
- 124654