Integrale projektstudies bij infrastruktuurplanning
In het verkeer- en vervoerbeleid komt steeds vaker de nadruk te liggen op een integrale aanpak, waarbij bereikbaarheid, leefbaarheid en geleiding en beperking van mobiliteit in samenhang worden benaderd. Sedert 1987 moet voor infrastruktuurprojekten met mogelijk belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu eveneens een milieu-effectrapport (MER) in de projektnota worden geïntegreerd. Dit alles stelt hoge eisen aan de projektstudies, waarin nieuwe beleidsmaatregelen worden voorbereid, en aan de projektnota, waarin de uitkomsten publiek worden gemaakt. Het is dan ook van groot belang dat in de projektnota de voor- en nadelen van de alternatieve oplossingsmogelijkheden zo inzichtelijk mogelijk worden weergegeven. Door de huidige integrale aanpak zijn echter de eisen die aan de projektstudie en projektnota worden gesteld zwaarder geworden. Een extra vraagpunt hierbij vormt de afstemming van afzonderlijke projektstudies met verkeers- en vervoersbeleid dat tegenwoordig voor zogenaamde 'vervoersregio's' wordt ontwikkeld. Dit vormde aanleiding voor de opdrachtgevers om een onderzoek te laten verrichten.
- Datum rapport
- 1 januari 1990
- Auteur
- G. van Alteren ...[et al.]
- Uitgever
- Geo Pers.
- Annotatie
-
XII, 139 p.
ill. ; 24 cm
Met index. - Met lit. opg. Onderzoek is uitgevoerd door Rijksuniversiteit Groningen, Faculteit der Ruimtelijke Wetenschappen, Vakgroep Stedelijke en Regionale Planning, in opdracht van Ministerie van Verkeer en Waterstaat [Rijkswaterstaat]. Dienst Weg- en Waterbouwkunde (voorzitter begeleidingscommissie: P. Aanen) en Dienst Verkeerskunde
ISBN 9071971287 - Documentnummer
- 110266