Vismigratie naar en binnen twee beekmondingen langs de Gelderse IJssel : evaluatie van vismigratievoorzieningen bij gemalen en stuwen in de Grote Beek en Voorsterbeek op basis van telemetrisch onderzoek in de periode 2014-2016
In de tweede helft van de twintigste eeuw is de visgemeenschap in de beek- en riviersystemen verarmd als gevolg van een verslechtering van de waterkwaliteit door het lozen van afvalwater en habitatdegradatie veroorzaakt door het verstuwen en normaliseren van beek- en riviertrajecten. Vooral de stromingsminnende vissoorten namen sterk af door het verdwijnen van de migratiemogelijkheden tussen rivieren en beken en een verminderde beschikbaarheid van paai-, opgroei-, en foerageergebieden. Deze ontwikkeling heeft zich ook voorgedaan in de Gelderse IJssel en de daarop uitmondende beken en riviertjes. Veel beekmondingen langs deze rivier zijn vastgelegd met oeverbestortingen en gekanaliseerd, waarbij de aanwezige stuwen en gemalen barrières vormen voor migrerende vissen.
Om de waterkwaliteit te herstellen is in 2000 de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) van kracht geworden. Hierbij is een vrije optrekbaarheid van beken en rivieren voor vissen een belangrijke doelstelling. Beekmondingen verbinden de IJssel met een groot achterland en zijn hierdoor mede bepalend voor de ecologische kwaliteit van het IJsselsysteem. Om deze reden zijn Rijkswaterstaat, het Waterschap Rijn en IJssel, het Waterschap Vallei en Veluwe het project Blauwe Knooppunten gestart. Het doel is om gezamenlijk de beekmondingen langs de IJssel optrekbaar te maken voor vissoorten.
- Auteurs
- Bruin, A. de, Kranenbarg, J.
- Datum rapport
- 1 maart 2017
- Uitgever
- RAVON
- Annotatie
-
In opdracht van Rijkswaterstaat Oost-Nederland (RWS ON), Waterschap Rijn en IJssel en Waterschap Vallei en Veluwe.
- Documentnummer
- Rapport 2014.053/076