Monitoring van de mobiliteit : de periode 1984-1989, een analyse van invloedsfactoren achter de recente mobiliteitsontwikkeling
Presenteert de resultaten van een studie naar de invloedsfactoren achter de mobiliteitsontwikkeling in de periode 1984-1989. Met behulp van de Mobiliteitsverkenner wordt een vergelijking gemaakt tussen de waargenomen mobiliteitsontwikkelingen en de gereconstrueerde mobiliteitsontwikkelingen. Zeven hoofdinvloedsfactoren worden onderscheiden: demografische ontwikkelingen, autobezit, werkgelegenheid, nationaal inkomen, persoonlijk inkomen, variabele autokosten en openbaar vervoer tarieven. In de periode 1984-1989 is de mobiliteit jaarlijks gemiddeld met 3% toegenomen. Voor de auto was dit over die periode 18% en voor de trein 15%. De De mobiliteisontwikkeling voor de volgende vervoerswijzen worden vermeld : auto, trein, streekvervoer, stadsvervoer en fiets. Hoofdstuk 2 bevat de waargenomen ontwikkelingen. In hoofdstuk 3 vindt reconstructies van de mobiliteitsontwikkeling met de mobiliteitsverkenner plaats. Hoofdstuk 4 schetst de invloed van de aanvullende factoren op die ontwikkeling. Hoofdstuk 5 geeft een verklaring van deze ontwikkeling naar achterliggende factoren. Hoofdstuk 6 bevat de ontwikkeling van de verkeersintensiteiten. Hoofdstuk 7 geeft tenslotte conclusies en aanbevelingen.
- Datum rapport
- 1 januari 1991
- Auteur
- TNO, Instituut voor Ruimtelijke Organisatie (INRO); W. Korver, E.J. Verroen
- Uitgever
- INRO-TNO.
- Annotatie
-
fig., tab.
Onderzoek in opdracht van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat Rijkswaterstaat (RWS), Dienst Verkeerskunde (DVK), Afdeling landelijke Verkeersprognoses en Beleidsanalyse (VXM). - Projectleider A.L. Loos Rapport INRO-VVG 1991-04. - Met lit. opg. - Documentnummer
- 174839