Waarnemingen aan de visstand in het Wolderwijd-Nuldernauw in het voorjaar van 1993 en een evaluatie van het spuibeheer bij Nijkerk
In het voorjaar van 1993 is de omvang van het bestand aan brasem groter dan of gelijk aan 25 cm in het Wolderwijd-Nuldernauw bemonsterd. Op basis van deze bemonsteringen en de vangsten tijdens de reductievisserijen blijkt dat in januari 1993 het bestand aan brasem groter dan of gelijk aan 25 cm minimaal 60 kg/ha is geweest. Dit is 30-50 kg/ha hoger dan op basis van de bestandsopname in september 1992 aanwezig werd verondersteld. In april 1993 was het bestand ca. 45-65 kg/ha. Op basis van de bemonstering eind mei - begin juni blijkt dat de omvang van het bestand aan blankvoorn in januari 1993 mogelijk 46.5 kg/ha is geweest. Dit is ca. 25 kg/ha meer dan op basis van de bestandsopname in september 1992 aanwezig werd verondersteld. In april 1993 was het bestand ca. 35 kg/ha. Immigratie is de meest waarschijnlijke oorzaak van de toename van het bestand aan brasem en blankvoorn in de periode na september 1992. De spuiafspraken blijken vanaf 1991 redelijk goed gehandhaafd te worden. Betwijfeld kan worden of de huidige afspraken voldoende zijn om de intrek van vis tegen te gaan. Door opwaaiing kan het waterpeil op het Eemmmeer snel stijgen met als gevolg een stroomsnelheid
- Datum rapport
- 1 januari 1993
- Auteur
- J.J.G.M. Backx; Witteveen + Bos Raadgevende Ingenieurs
- Uitgever
- Witteveen+Bos Raadgevende ingenieurs.
- Annotatie
-
20 [26] p.
fig., tab.
In opdracht van het [Ministerie van Verkeer en Waterstaat], Rijkswaterstaat, Directie Flevoland (RWS, FL)
Met lit. opg. - Documentnummer
- 238192