Ecologisch herstel Veluwerandmeren : gewenste inrichting als snoekhabitat
In het kader van het ecologisch herstel van de Veluwerandmeren is het tot ontwikkeling brengen van een ecologische infrastructuur geschikt voor snoek en daaraan gekoppeld het stimuleren van de snoekstand een essentiële maatregel. De aanwezige vegetaties aan ondergedoken waterplanten en emergente oeverplanten blijken onvoldoende van omvang en voldoen niet aan de voorwaarden van snoek. Het doel van dit onderzoek is: een onderbouwde kwantificering van het benodigde snoekhabitat te geven in het Wolderwijd, Nuldernauw, Veluwemeer en Drontermeer; inzicht te krijgen in het benodigde areaalbeslag en de geografische positionering van het te ontwikkelen snoekhabitat in deze meren. Uitgangspunt daarbij is dat het snoekhabitat een dermate hoge snoekstand waarborgt dat een natuurlijke regulatie van de witvisbiomassa mogelijk is. De kritische habitatcomponent die in belangrijke mate de omvang van de snoekpopulatie in een water bepaalt, is het areaal emergente planten in de ondiepe oeverzones. Op basis van een kwantitatieve relatie tussen het areaal emergente vegetatie en de snoekstand wordt de benodigde ontwikkeling van het snoekhabitat uitgewerkt voor drie beheersvarianten: variant 1 betreft een natuurlijk functionerende snoekpopulatie; variant 2 betreft een beheerde hoog produktieve snoekpopulatie; variant 3 betreft een natuurlijke hoog produktieve snoekpopulatie. Afhankelijk van de beheersvariant bedraagt het benodigde areaal aan emergente vegetatie minimaal 3-5% van het meeroppervlak en maximaal 15% van het meeroppervlak. Toegesneden op een optimale inrichting van de ondiepwater arealen voor snoek, gebaseerd op de verhouding tussen emergente vegetatie en open water, resulteert een totaal areaalbeslag aan snoekhabitat van minimaal 9-15% en maximaal 45%. De omvang van het tot ontwikkeling gekomen areaal aan submerse waterplanten bepaalt mede de potenties voor het functioneren van de snoekpopulatie.
- Datum rapport
- 1 januari 1993
- Auteur
- W. Ligtvoet, S. Semmekrot, M.P. Grimm; Witteveen + Bos Raadgevende Ingenieurs
- Uitgever
- Witteveen+Bos.
- Annotatie
-
21 [25] p.
fig., krt., tab.
In opdracht van [Ministerie van Verkeer en Waterstaat], Rijkswaterstaat, Directie Flevoland (RWS, FL). - Met lit. opg. - Documentnummer
- 7351