Literatuurstudie naar de toepasbaarheid van vetzuursamenstellinganalyses voor migratieonderzoek aan zalm Salmo salar en zeeforel Salmo trutta uit het IJsselmeer
Op basis van gepubiceerde resultaten van analyses is onderzocht of de vetzuursamenstelling van mariene vis en zoetwatervis verschilt. Informatie over verschil in vetzuursamenstelling kan gebruikt worden om de herkomst van in het IJsselmeer gevangen zalm en zeeforel te achterhalen. De vetzuursamenstelling werd gekarakteriseerd door 2 ratio's. In de teller van beide ratio's is de hoeveelheid meervoudig onverzadigde vetzuren in het visvlees vervat, terwijl de noemer respectievelijk de hoeveelheid vetzuren met een lagere mate van onverzadigdheid (R1) en de totale hoeveelheid vetzuren (R2) karakteriseert. De verwachting was, dat in beide gevallen de ratio's betrekking hebbend op mariene vis hoger zouden zijn dan de ratio's bij zoetwatervis. Gegevens van 23 vissoorten werden in het onderzoek betrokken. Het totale aantal beschikbare observaties was 98 voor R1 en 104 voor R2. Er bleek geen significant verschil te zijn in R1-waardes van mariene vis en zoetwatervis. Het verschil in R2-waardes was wel significant, maar bleek tegengesteld te zijn aan de verwachting. De R2-waardes van mariene vis bleken namelijk lager te zijn dan van zoetwatervis. Daarom is meer onderzoek nodig voordat dit verschil gebruikt kan worden om de herkomst van de zalm en zeeforel uit het IJsselmeer te bestuderen. Er bleek een negatief verband te bestaan tussen de ratio's en het totaal vetgehalte in het visvlees. In een aantal publikaties is dit verband niet onderkend, waardoor verschillen veroorzaakt door een totaal vetgehalte effect toegeschreven werden aan een soorteffect. Als alternatief voor vetzuursamenstellinganalyses wordt analyse van TMAO gehaltes van het vlees van zalm en zeeforel uit het IJsselmeer aanbevolen. Het TMAO gehalte van mariene vis variëert tussen de 2.9 en 13.3 mmol per 100 g weefsel, terwijl het TMAO gehalte van zoetwatervis verwaarloosbaar is. Een hoog TMAO gehalte in het vlees van zalm en zeeforel zou dus betekenen dat de dieren op zee zijn geweest. Het nut van deze bepaling is echter zeer beperkt, indien het TMAO gehalte snel daalt nadat de zalm en zeeforel vanuit zee het IJsselmeer inzwemmen. Er is geen informatie in de beschikbare literatuur over de snelheid waarmee het TMAO gehalte daalt nadat vis wisselt van marien naar zoetwatermilieu.
- Datum rapport
- 1 januari 1995
- Auteur
- Dienst Landbouwkundig Onderzoek, Rijksinstituut voor Visserijonderzoek (RIVO-DLO); P.J. Mous en J.B. Luten
- Uitgever
- RIVO-DLO.
- Annotatie
-
20 p.
fig., tab.
Studie in het kader van het project "ecosysteem analyse IJsselmeer" (project 40.107.421), een samenwerking tussen RWS, RIZA en de hoofdafdelingen LI en AN van RWS, Directie IJsselmeergebied (RWS, RDIJ)
(RIVO rapport ; C018/95)
Met lit. opg. - Documentnummer
- 99671