Bodemsanering Zeehavenkanaal Delfzijl : resultaten oriënterend en nader onderzoek
Doel van deze nota is het leveren van gegevens voor het vaststellen van de noodzaak en urgentie, en van de omvang van de bodemsanering van het Zeehavenkanaal te Delfzijl. Uit oriënterend en nader onderzoek blijkt dat op een aantal lokaties HCB-concentraties (hexachloorbenzeen) voorkomen, die ver boven de signaleringswaarde uitstijgen. Ook de kwikconcentraties zijn verhoogd in vergelijking met de natuurlijke achtergrondwaarde. Tevens is vastgesteld dat een deel van het zwaar verontreinigde sediment wordt verspreid in het Eemsestuarium, grotendeels veroorzaakt door de jaarlijke bagger- en stortactiviteiten in verband met het op diepte houden van het Zeehavenkanaal. Geconcludeerd wordt dat sanering noodzakelijk is, waarmee een aanzienlijke vervuilingsbron van het aquatisch milieu in het Eemsestuarium wordt weggenomen. De sanering moet worden uitgevoerd op de taluds en in de bodem, in laagdiktes variërend van 0,1 tot 1,0 meter. De totale hoeveelheid te verwijderen bodemsediment wordt geraamd op circa 100.000 m3.
- Datum rapport
- 1 januari 1990
- Auteur
- Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Directie Groningen
- Uitgever
- Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Directie Groningen (RWS, GR).
- Annotatie
-
21 p.
30 cm
Lit. opg.: p. 20. - GRAN 1990-2004 - Documentnummer
- 180446