Landschappelijke beoordeling van plaatsing van windmolens op Rijkswaterstaatsterreinen in Zeeland
In de beleidsnota worden de consequenties voor het landschap in Zeeland bekeken, als er windmolens geplaatst worden, met name op (beheers)terreinen van Rijkswaterstaat. Na een beschrijving van het Zeeuwse landschap wordt ingegaan op het provinciaal en landelijk beleid. Daarna wordt in hoofdlijnen aangegeven wat de voornaamste uitgangspunten zijn bij lokatiekeuze. Het is logisch de plaatsing van windmolens landschappelijk gezien te koppelen aan grotere waterstaatswerken. Bij kleinere objecten zal een landschappelijke studie uit moeten wijzen of plaatsing al of niet gewenst is. Tenslotte volgt een beschrijving van de verschillende lokaties. Ook wordt er aandacht besteed aan het uiterlijk van de windturbine, die simpel, sober en strak moet zijn. Op een losse kaart zijn mogelijke lokaties aangegeven.
- Datum rapport
- 1 januari 1994
- Auteur
- Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, directie Zeeland (RWS, ZL); tekst Margret Bakker, tekeningen Bram de Buck
- Uitgever
- Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Directie Zeeland (RWS, ZL).
- Annotatie
-
17 p.
ill.
met losse krt.
nota RVO 94.03
Met lit. opg.
Met samenvatting - Documentnummer
- 3975