Onderzoek naar de verkitting van AVI-bodemas : stand van zaken
Het materiaalgedrag van AVI-bodemas (AVI-slakken) in de wegenbouw, werd altijd beschouwd als ongebonden. Na het bezwijken van een ophoging met AVI-Bodemas in Appingedam in 1990, rezen hier twijfels over. In dit rapport worden de resultaten van de onderzoeken naar het optreden van verkitting in AVI-bodemas besproken. Materiaaltechnisch worden drie mogelijke mechanismen onderscheiden (fysische wisselwerking, kristallisatie van oplosbare zouten en vorming van cementerende verbindingen door chemische reacties) die tot verkitting kunnen leiden. Het is waarschijnlijk dat de drie mechanismen in de praktijk naast elkaar optreden en dat hierbij de capillaire krachten (fysische binding) een hoofdrol spelen. Bij hoge en lage verzadigingsgraden zijn hoge sterkten gemeten. Kristallisatie van oplosbare zouten zal naar verwachting in de praktijk, zeker bij een geïsoleerde toepassing van AVI-bodemas, geen belangrijke rol spelen. Ettringiet is in veel praktijkmonsters in min of meerder mate aangetroffen, maar lijkt in eerste instantie niet het belangrijkste mechanisme te zijn. Gesteld wordt dat AVI-bodemas eerder een sterk cohesief materiaalgedrag (vergelijkbaar met stijve klei/leem) dan een loskorrelig materiaalgedrag vertoont. In verband met mogelijke scheurvorming en daardoor een ontoelaatbare aantasting van de isolerende zandbentonietlaag, worden aanbevelingen gedaan bij het bouwen met AVI-bodemas in zettingsgevoelige gebieden.
- Datum rapport
- 1 januari 1995
- Auteur
- J.A.M. Mank; Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat Dienst Weg- en Waterbouwkunde
- Uitgever
- Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Dienst Weg- en Waterbouwkunde (RWS, DWW).
- Annotatie
-
28 p.
tab., foto's.
(Publikatiereeks Grondstoffen ; 1995/06)
Rapportnr. W-DWW-95-520
Met lit.opg. - Documentnummer
- 111338