Handreiking onderzoek bodemvreemde materialen in waterbodems :onderzoek fractie 2-200 cm
De waterbodem bestaat uit bestanddelen van natuurlijke en onnatuurlijke oorsprong. Met bodemvreemde materiaal worden alle niet van nature voorkomende onderdelen van de bodem beschouwd. Deze worden vaak getypeerd als ?grof vuil?. Voorbeelden zijn puin, fietsen, autobanden, plastics, metaal en hout. Bij de uitvoering van baggerwerk en verwerking van specie, leidt de onverwachte aanwezigheid van dit soort materialen vaak tot problemen. De problemen kunnen zich manifesteren door onvoorziene kostenverhogingen (bij baggeren en verwerken) van wel 20% (soms zelfs hoger), vertraging van het baggerwerk en het niet goed kunnen voldoen aan vergunningvoorschriften van de afgesproken bestemmingslocatie of baggerlocatie. Dit laatste kan bijvoorbeeld plaatsvinden doordat tijdens het baggerwerk de grijper of vizierbak niet goed sluit en er een te grote vertroebeling optreedt.
- Datum rapport
- 1 januari 2005
- Auteur
- Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Dienst Weg- en Waterbouwkunde (RWS, DWW); Advies- en Kenniscentrum Waterbodems (AKWA); Adviesdienst Geo-Informatie en ICT; Bouwdienst; Grontmij Nederland
- Uitgever
- RWS, AKWA.
- Annotatie
-
60 p.
ill.
(AKWA-rapport 05.001) - Documentnummer
- 269966