Kansrijk openbaar vervoer in stadsgewesten : eindrapport
Het onderzoek wil meer duidelijkheid bieden op vragen over de wijze waarop het beste in openbaar vervoer in de stadsgewesten kan worden geïnvesteerd. Hiervoor zijn voor het stadsgewest Haaglanden (de regio Den Haag, Delft, Zoetermeer, Pijnacker, Rijswijk, Voorburg en Leidschendam) de prestaties van verschillende netwerkconcepten (fijnmazig, grofmazig) met elkaar vergeleken. De relatie tussen prestatie, investeringsniveau en exploitatiekosten is voor de verschillende netwerkconcepten in beeld gebracht. Tevens is de relatieve positie van tangentverbindingen in elk van de concepten in beeld gebracht. In hoofdstuk 2 komt aan de orde wat onder kansrijk openbaar vervoer moet worden verstaan, gekozen stadsgewest en de wijze waarop het optimalisatieproces is opgezet. Hoofdstuk 3 bevat invoer van het optimalisatieproces, uitgangspunten bij de berekeningen gehanteerd en afgeleide twee conceptuele netwerken. Hoofdstuk 4 behandelt de resultaten van het optimalisatieproces. Hoofdstuk 5 gaat in op het vergelijk van beide netwerken met de vraag welk type verbinding op welke relaties moet worden ingezet en hoe beide conceptuele modellen ten opzichte van elkaar scoren. Hoofdstuk 6 bevat conclusies.
- Datum rapport
- 1 januari 1995
- Auteur
- Bureau Goudappel Coffeng
- Uitgever
- Bureau Goudappel Coffeng.
- Annotatie
-
28 p.
fig., tab., bijl.
In opdracht van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Projectbureau Integrale Verkeers- en Vervoersstudies (PbIVVS) - Documentnummer
- 127289