Botanische samenstelling, oecologie en erosiebestendigheid van rivierdijkvegetaties
Naast de primaire functie als waterkering hebben de dijken een belangrijke secundaire functie gekregen in de natuurbescherming als onderdeel van de eocologische infrastructuur. Aan deze nevenfunctie kan echter alleen aandacht worden geschonken indien de erosiebestendigheid van de dijk niet in gevaar komt. Het is daarom belangrijk om de kennis van botanische en civieltechnische kwaliteiten van rivierdijkbegroeiingen bijeen te brengen en na te gaan welke dijkvegetaties de beste bescherming tegen erosie te bieden. In 1984 is hiermee een begin gemaakt door het onderzoek van Sykora& Liebrand in het bovenrivierengebied. Als vervolg hierop in in 1988 het onderzoek begonnen naar de vegetatie en erosiebestendigheid van dijken in het benedenrivierengebied. De resultaten van dat onderzoek zijn weergegeven in dit rapport, waarbij de gegevens uit beide onderzoeken zijn gecombineerd en een synthese wordt gegeven voor het hele rivierengebied. Het onderzoek geeft antwoord op de vragen welke plantengemeenschappen op dijken voorkomen en wat de belangrijkste factoren zijn, die de botanische verschillen tussen de gemeenschappen bepalen. Centraal in dit onderzoek staat de vraag wat de invloed van beheer en botanische samenstelling is op de erosiebestendigheid van rivierdijkgraslanden.
- Datum rapport
- 1 januari 1992
- Auteur
- Friso Fjodor van der Zee; Landbouwuniversiteit Wageningen, Vakgroep Vegetatiekunde, Plantenoecologie en Onkruidkunde
- Uitgever
- LUW.
- Annotatie
-
271 p.
ill.
Onderzoek in opdracht van Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Dienst Weg- en Waterbouwkunde (RWS, DWW), onder supervisie van de projectgroep A3 'Grasland als dijkbekleding' van de Technische Adviescommissie voor de Waterkeringen (TAW)
Met lit.opg.
ISBN 9067542369 - Documentnummer
- 64486