Een prognose van de morfologie van de Grevelingen-buitendelta in 2010
De morfologische ontwikkelingen op de Grevelingen-buitendelta, en in vergelijkbare zin die op de buitendelta's van Haringvliet en Oosterschelde sinds het gereedkomen van de Haringvlietsluizen en de Oosterscheldewerken, hebben invloed op verschillende maatschappelijke belangen in het gebied, waaronder kustbeheer, scheepvaart, natuurwaarden, recreatie en visserij. Het is mogelijk dat in de toekomst meer beheersmaatregelen wenselijk zijn om deze belangen te reguleren. Daartoe is het noodzakelijk om een indruk te verkrijgen hoe groot de invloed van de veranderende morfologie nu is en in de toekomst zou kunnen worden. Binnen het project Voordelta wordt onderzoek naar de morfologische ontwikkeling op de Grevelingen-buitendelta uitgevoerd. De doelstelling van het deelonderzoek naar de morfologie van de Grevelingenbuitendelta is een antwoord te vinden op de volgende vraag: Hoe ziet het kaartbeeld van de Grevelingen - buitendelta in 2010 eruit? Met name: Wat is de geografische ligging en wat zijn de afmetingen van de karakteristieke morfologische eenheden (platen en geulen)?
- Datum rapport
- 1 januari 1990
- Auteur
- R. Postma, J.P.M. Mulder, T. Louters en F.P. Hallie Rijksuniversiteit Utrecht (RUU), Vakgroep Fysische Geografie Geografisch Instituut en Instituut voor Ruimtelijke Ordening (IRO) Institute of Geographical Research
- Uitgever
- Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Dienst Getijdewateren (RWS, DGW).
- Annotatie
-
37, [79] p.
ill. ; 30 cm
Rapport GEOPRO 1991.08
Notitie GWAO-90.1345
Met lit. opg. - Documentnummer
- 62416