Milieu-effectrapport en projectnota : Dl. 2: Uitwerking depotontwerp
De situatie na het afronden van fase 1 wordt beschreven. Enkele gegevens betreffende het beleidskader en bestuurlijk en juridisch kader zijn geactualiseerd. Verder is ingegaan op de reacties op deel 1 van de rapportage. De nieuwste gegevens over de te bergen specie zijn opgenomen. Verslag wordt gedaan van de heroverweging van de beleidskeuze uit fase 1 die naar aanleiding van de reacties op deel 1 van de rapportage is uitgevoerd in fase 2a. Beschreven is hoe de variant Epb uit fase 1 is uitgewerkt tot twaalf subvarianten. Daarop wordt aangesloten met een beschrijving van het proces dat is doorlopen om te komen tot een definitieve keuze van de uitvoeringsvorm in hoofdlijnen van het te ontwerpen depot. Uitgaande van de gekozen uitvoeringsvorm worden een meest milieuvriendelijke oplossing en de voorkeursoplossing van de initiatiefnemer uitgewerkt en vergeleken met het nulalternatief (continuering van de huidige situatie). Op basis van de voorkeursoplossing van de initiatiefnemer, een voorontwerp gepresenteerd.De resultaten van de studie worden getoetst aan het "beleidsstandpunt verwijdering baggerspecie" van de ministeries van VROM en V&W en aan de de ontwerp-Evaluatienota Water 1993. Tenslotte worden leemten in kennis genoemd die door verdere studie en evaluatie en een monitoringsprogramma moeten worden ingevuld.
- Datum rapport
- 1 januari 1993
- Auteur
- Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Directie Flevoland (RWS, FL)
- Uitgever
- Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Directie Flevoland (RWS, FL).
- Annotatie
-
2 dl.
Dl. 2: Uitwerking depotontwerp. - 1993. - 90 [3] p. : fig., tab. - Flevobericht 349
Rapport met betrekking tot het project "Baggerspeciebergingslocatie"
Met lit. opg.
ISBN 9036911109 - Documentnummer
- 100063