De wadpier Arenicola marina (polychaeta) : ecologisch profiel
Geeft aan de verspreiding van de wadpier in de Nederlandse wateren: Waddenzee en Eems-Dollard, met name bij Schiermonnikoog, Het Groninger wad, het Eems-Dollard estuarium en Balgzand; Grevelingenmeer; Veerse Meer en Westerschelde. De Arenicola marina leeft ingegraven in de bodem van eu- tot mesohaliene wateren; de bestontwikkelde bestanden bevinden zich op zandige sedimenten in de intergetijdenzône. Hij voedt zich met sediment afkomstig van het wadoppervlak. Geeft een beschrijving van de reproductie, ontwikkeling, de migratie en predatie van de wadpier. Wat betreft de populatie-ontwikkeling zijn alleen voor de westelijke Waddenzee voldoende gegevens beschikbaar om deze over de afgelopen twintig jaar te beschrijven. Ten aanzien van de eutrofiëring zijn geen publicatiesgevonden waarin een positief effect op de dichtheid of biomassa van Arenicola wordt aangetoond. Over het optreden van zware metalen, PAK's, PCB's op Arenicola is bij de huidige concentraties geen informatie gevonden. Toxiteit van olie is afhankelijk van het percentage aromaten. De wadpier stimuleert de afbraak van olie, vooral van de alifatische fractie. Gaat tenslotte in op de kokkelvisserij en pierenspitterij.
- Datum rapport
- 1 januari 1991
- Auteur
- R. Bijkerk en P.I. Dekker; RDD Aquatic Ecosystems
- Uitgever
- RDD.
- Annotatie
-
ix, 77 p.
fig. ; 30 cm
Lit. opg. : p. 63-77
Samengesteld in opdracht van de Hoofddirectie van de Waterstaat, Afdeling Rijkswateren
Opdrachtnr.: AH 005 BPRW WASYS 90 - Documentnummer
- 229056