Visuele problemen op autosnelwegen bij duisternis
Een onderzoek is uitgevoerd over de aard van de elementen die onvoldoende zichtbaar zijn tijdens het rijden bij duisternis over autosnelwegen. De door de acht proefpersonen meest genoemde visuele problemen sloegen op geometrische wegkenmerken (rijstrookbegrenzing, wegverloop, plaats uitrit). Opmerkingen over de zichtbaarheid van overig verkeer waren zeldzaam en hadden vrijwel altijd te maken met een defecte verlichting. Obstakels op het wegdek waren nog zeldzamer. Het aantal visuele problemen per km was bij kletsnat wegdek een factor vier groter dan bij droog wegdek. Openbare verlichting verminderde de frequentie van problemen met een factor twee. Druk verkeer gaf geen stijging van de visuele probleemfrequentie. Openbare verlichting bleek vooral effectief vor het verminderen van verblinding en verwarring door lichten van bebouwing en voertuigen. Openbare verlichting verminderde ook, zij het in mindere mate, de problemen met het zien van geometrische wegkenmerken. Voorstellen worden gedaan voor het verbeteren van de zichtbaarheid.
- Datum rapport
- 1 januari 1988
- Auteur
- Nederlandse organisatie voor toegepast natuurwetenschappelijk onderzoek, Instituut voor Zintuigfysiologie (IZF TNO); P. Padmos; opdrachtgever: Dienst Verkeerskunde, Rijkswaterstaat Ministerie van Verkeer en Waterstaat
- Uitgever
- IZF TNO.
- Annotatie
-
48 p.
ill. ; 30 cm.
Lit. opg. : p. 37-38 - Documentnummer
- 228870