De effecten van een aantal maairegimes op flora en vegetatie in wegbermen (1982 t/m 1991)
Presenteert de resultaten van een 10-jarig onderzoek naar de effecten van een aantal verschillende beheersvarianten voor wegbermvegetaties. Hierbij zijn floristische en vegetatiekundige aspecten bekeken. De onderzochte wegbermen worden al dan niet beschaduwd door bomen en struiken. De bodem bestaat uit zand of klei. De gekozen locaties kunnen als representatief worden opgevat voor een groot deel van de bermen van rijkswegen en andere wegen in Nederland. Uit het onderzoek is gebleken dat het maaibeheer van twee keer per jaar maaien en afvoeren floristisch en vegetatiekundig gezien onder vrijwel alle gegeven omstandigheden het beste resultaat oplevert. Primair werd hierbij de soortsdiversiteit als kwaliteitscriterium gebruikt. Bij verdere verlaging van de maaifrequentie wordt altijk ingeleverd op deze kwaliteit. Eén keer per jaar in het najaar maaien en afvoeren op kleiarm zand levert ook nog een gunstig, zij het minder, resultaat op.
- Datum rapport
- 1 januari 1994
- Auteur
- Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Dienst Weg- en Waterbouwkunde Hoofdafdeling Milieu (MI); A.W.J. van Schaik, L.C. van den Hengel
- Uitgever
- Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Dienst Weg- en Waterbouwkunde (RWS, DWW).
- Annotatie
-
66 p.
tab., fig. ; 30 cm
Rapportnr. P-DWW-94-706. - Met lit.opg. en engelse samenvatting.
ISBN 9036901146 - Documentnummer
- 65176