Macrozoöbenthosmonitoring in de Zoete Delta en Volkerak, 2025 : waterlichamen: Hollandsche IJssel, Boven en Beneden Merwede, Dordtsche Biesbosch, Beneden Maas, en het Volkerak
Het “Monitoring van de Waterstaatkundige Toestand des Lands” (MWTL) is een landelijk meetnet dat sinds 1992 gegevens verzamelt, waarbij onder andere macrozoöbenthos, macrofyten, fytoplankton en fytobenthos worden onderzocht. Deze organismen spelen een belangrijke rol in het voedselweb en de combinatie van soorten indiceert de ecologische toestand van het water. Voorliggend rapport beschrijft de resultaten van de bemonstering en analyse van macrozoöbenthos in de waterlichamen Beneden Maas, Boven en Beneden Merwede, Dordtsche Biesbosch (alleen monstername), Hollandse IJssel en het Volkerak in 2025.
De monstername in 2025 vond in april plaats volgens het RWSV 913.00.B060, “Bemonstering van macrozoöbenthos en sediment in het litoraal en profundaal in zoete en brakke wateren” Versie 5.0. De dieren zijn later uit de monsters gehaald en zoveel mogelijk tot op soort gedetermineerd volgens “Analysevoorschrift Waterbodem, zoet en brak – Uitzoeken en determineren van Macrozoöbenthos. A2.112. Versie 9”.
In 2025 zijn 44 monsters genomen op 32 meetpunten. 32 monsters uit 4 waterlichamen zijn geanalyseerd, de overige dienen als back-up. Eerdere data uit MWTL (vanaf 1992) van de onderzochte waterlichamen (alle behorend tot R8) zijn opgehaald uit AquaDesk. Dichtheden en soortenrijkdom zijn uitgerekend en getoond in figuren en tabellen.
In de Hollandsche IJssel leidt vermoedelijk de grote dynamiek (door scheepvaart en getij) tot een beperkte diversiteit en vrij lage dichtheden. De invloed van brak water lijkt af te nemen. In Boven en Beneden Merwede blijven de bijzondere dansmug Chernovskiia orbicus en enkele andere soorten van schuivend rivierzand stabiel aanwezig. De Beneden Maas kenmerkt zich door de kleinere getijdeslag en minder invloed van scheepvaart, waardoor in de oevers meer soorten leven. In het Volkerak zijn soorten die leven tussen ondergedoken waterplanten afgenomen. In de Krammerse slikken was in 2025 een soortenrijk pioniermilieu aanwezig. Over het geheel neemt de soortenrijkdom gemiddeld toe. Nergens is echter een goede KRW-score behaald op de relevante landelijke maatlat.
Wat betreft recente exoten blijft Azov-slijkgarnaal Chelicorophium maeoticum zich sterk uitbreiden. In langzamer tempo breiden de aasgarnaal Paramysis lacustris en de vlokreeft Pontogammarus robustoides zich verder uit.
De complexe maatlat van R8 wordt uitgebreid uiteengezet en er zijn meer deelscores gegeven dan in eerdere jaarrapportages. Desondanks blijken deze scores lastig te interpreteren. Een aantal discussiepunten is kort aangegeven.
- Auteurs
- Achterkamp, B., Breebaart, A., Japink, M., Dongen, L.G.J.M. van
- Datum rapport
- 1 juni 2026
- Uitgever
- Waardenburg Ecology
- Annotatie
-
In opdracht van Rijkswaterstaat, Centrale Informatievoorziening (RWS CIV)
- Documentnummer
- Rapportnummer 26-066 ; RWS-rapportnummer BM 26.11 ; RWS-zaaknummer 31174869.0003