Ecotopen-indeling: Biesbosch-Voordelta mer Haringvlietsluizen
Een ander beheer van de Haringvlietsluizen heeft primair effect op de water- en zoutbeweging. Een veranderende waterbeweging leidt ook tot een wijziging van de morfologie van het gebied. De ecologische effecten van een ander beheer van de Haringvlietsluizen kunnen voor een groot deel afgeleid worden uit de te verwachten abiotische veranderingen in het gebied. Ecotopen vormen eenheden waarmee de consequenties van een ander beheer van de Haringvlietsluizen op het biotische en abiotische milieu kunnen worden weergegeven. Met behulp van de ecotopen-indeling kan het aandeel (aantal en oppervlak) van ecotopen bij de verschillende scenario's van sluisbeheer met elkaar vergeleken worden. Er is een ecotopen-indeling voor de huidige situatie en de situatie voor de afsluiting van het Haringvliet ontwikkeld. Een ecotoop is een ruimtelijk te begrenzen eenheid waarvan de samenstelling en ontwikkeling worden bepaald door de abiotische, biotische en antropogene condities ter plekke. De ecotopen-indeling is getoetst door het omzetten van enkele bestaande (vegetatie)kaarten en gegevens naar ecotoopkaarten. Gepresenteerd wordt een indeling van de Biesbosch tot en met Voordelta in ecotopen. Het projectgebied omvat het water, de oevers en buitendijkse gebieden van: Amer, Nieuwe Merwede, Dordtsche Biesbosch, Brabantsche Biesbosch, Hollandsch Diep, Haringvliet, Spui en Voordelta deelgebied Brielse gat (voormalige buitendelta van het Haringvliet), begrensd door de winterdijken of zeewerende duinen. De onderscheiden ecotopen worden in tabelvorm gepresenteerd. Vervolgens is de indeling van de ecotopen toegelicht en zijn de ecotopen ecologisch beschreven.
- Datum rapport
- 1 januari 1995
- Auteur
- Y.A.M. van der Meulen; Witteveen + Bos
- Uitgever
- Witteveen+Bos.
- Annotatie
-
45, [36] p.
bijl., fig., krt., tab.
Met lit. opg.
In opdracht van Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Directie IJsselmeergebied (RWS, RDIJ) - Documentnummer
- 103024