Consequenties voor bodem en oevers in verband met gewijzigd stuwbeheer Maasstuwen : verslag onderzoek
Het rapport bestaat uit twee gedeelten: een rapportsamenvatting en het eigenlijke onderzoeksrapport. Het rapport geeft een compleet beeld van het onderzoek. Het eigenlijke onderzoeksrapport geeft verantwoording van het onderzoek. Door de omvangrijkheid van de rekenuitkomsten is het als naslagwerk nuttig. Behandelt het onderzoek naar de stabiliteit van de bodemverdediging en oevers achter de Maasstuwen te Linne, Roermond, Belfeld en Sambeek bij een gewijzigd beheer en is onderdeel van de MOMARO-studie (MOdernisering MAas ROute). De nadruk ligt bij stuw te Roermond. Verder zijn stuwen Linnen en Belfeld onderzocht. Stuw Sambeek komt vrijwel overeen met stuw Belfeld v.w.b. de consequenties voor bodem en oevers. Het huidige onderzoek is een vervolg op een door het WL eerder uitgevoerd onderzoek, waarbij bleek dat de bodemverdediging bij beheer met extreem scheve stroomverdeling onvoldoende stabiel zou zijn. Door de rekentechnische aanpak (geen schaalmodelonderzoek) en schematisaties van de stuwinstellingen heeft dit onderzoek nog wel een verkennend karakter. Het geheel wordt afgesloten met conclusies en aanbevelingen.
- Datum rapport
- 1 januari 1992
- Auteur
- G.J. Akkerman; waterloopkundig Laboratorium
- Uitgever
- Waterloopkundig Laboratorium (WL) = Delft Hydraulics Laboratory.
- Annotatie
-
fig. , tab. ; 30 cm
Q1356. - Met lit. opg. - Opdrachtgever: Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Directie Limburg (RWS. LB) - Documentnummer
- 180695