Onderzoek vaargeulbreedte in bocht van Heerjansdam
Beschrijft het onderzoek naar de benodigde vaargeulbreedte voor zeeschepen met een diepgang van 9,45 m (31 ft).In de bocht van Heerjansdam en elders op de Oude Maas, van de Botlekbrug tot de splitsing met de Dordtsche Kil. De breedte van de zeevaartgeul in de bocht van Heerjansdam is onderzocht m.b.v. een wiskundig manoeuvreermodel. Met dit model zijn vaarten nagebootst met een tot 9,45 m afgeladen slank vrachtschip (Mariner type) en een vol massagoedschip met dezelfde diepgang in de bocht van Heerjansdam met verschillende snelheden en waterstands -en stroomkondities. Deze vaarten zijn geanalyseerd m.b.t. de manoeuvreer kapaciteit van de schepen en m.b.t. de benodigde vaargeulbreedte. Daarnaast zijn ook de meetvaarten op deze aspekten bekeken en vergeleken met de simulatievaarten. Vervolgens is voor een aantal verkeerssituaties de benodigde vaargeulbreedte berekend met behulp van richtlijnen uit de literatuur. In kamerstuk 20800, XII, nr. 59 wordt naar deze nota verwezen.
- Datum rapport
- 1 oktober 1986
- Auteur
- Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Dienst Verkeerskunde, hoofdafdeling scheepvaart
- Uitgever
- Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Dienst Verkeerskunde (RWS, DVK).
- Annotatie
-
20 p.
bijl., tab., fig. ; 30 cm
Met lit. opg. - Op verzoek van de Directie Benedenrivieren (BER). Nota S 83.130.2 - Documentnummer
- 175772