Economische effecten van hubs
Voor 40 grote luchthavens in Europa en in de VS is nagegaan of deze op basis van hun ontwikkeling (verleden en toekomst) kunnen worden ondergebracht in een aantal categorieën (luchthaventypen) en of er verschillen bestaan in de economische effecten van luchthavens die tot verschillende luchthaventypen behoren. Vier cases worden uitgewerkt: Manchester, Zürich, Dallas / Forth Worth, and Charlotte. Aanleiding voor het onderzoek is de ontwikkeling van Schiphol tot mainport. De verwachting is dat er 4 tot 6 luchtvaartmaatschappijen in Europa zullen overblijven, die hun operaties op één of enkele luchthavens, hun zogenaamde hubs, zullen concentreren. Schiphol wil met de mainportontwikkeling de belangrijkste hub (mainhub) van één van deze maatschappijen worden, met als verwachte voordelen: nieuwe arbeidsplaatsen en een beter vestigingsklimaat voor vestigingen van (internationale) ondernemingen.
- Datum rapport
- 1 januari 1994
- Auteur
- P. Bleumink; Buck Consultants International; M. Knaapen
- Uitgever
- Buck Consultants International.
- Annotatie
-
246 p.
ill.
Met lit. opg.
Onderzoek in het kader van het onderzoeksprogramma 'Rolgoed'. - Onderzoek in opdracht van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat (RWS), Adviesdienst Verkeer en Vervoer (AVV). - Projectbegeleiding A. 't Hoen, B. Kuipers, J. Klooster - Documentnummer
- 185903