In de marge : een onderzoek naar ruimte voor de natuur op landbouwbedrijven
Drie jaar lang zijn in Flevoland op akkerbouwbedrijven de effecten onderzocht van uit produktie genomen randstroken langs sloten, kleine bosjes en poelen.Deze maatregelen bleken duidelijke waarde voor de natuur te hebben. De randstroken werden benut door broedvogels, foeragerende vogels en jagende roofvogels. In de randstroken kwamen meer vlinders en libellen voor dan in gangbare akkerranden. De insectenpopulatie was er anders van samenstelling dan in gangbare akkerranden. Er zijn geen aanwijzingen dat het voorkomen van predatoren van plaaginsecten door de randstroken werd bevorderd. De muizendichtheid was zeer hoog in de randstroken en wezel, hermelijn en bunzing vestigden zich er. In de poelen lukte het door isolatie van het slootwater een goede waterkwaliteit te realiseren. De macrofauna van de poelen ontwikkelde zich goed en er werd van 14 libellesoorten voortplanting waargenomen. De poelen werden ook door groene en bruine kikker voor voortplanting gebruikt. In de bosjes ontwikkelde zich een pionierssituatie, gedomineerd door akkerdistel. In deze pionierssituatie bleken de omstandigheden gunstig te zijn voor vlinders, muizen en enkele vogelsoorten.
- Datum rapport
- 1 januari 1996
- Auteur
- Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Directie IJsselmeergebied (RWS, RDIJ); door A.J. Remmelzwaal en B. Voslamber
- Uitgever
- Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Directie IJsselmeergebied (RWS, RDIJ).
- Annotatie
-
136 p.
bijl., fig., foto's, tab.
(Flevobericht ; nr. 390)
Met samenvatting
Met lit. opg.
ISBN 9036911656 - Documentnummer
- 51881