Het onderzoek naar de abiotische ontwikkelingen op de oevergebieden in het Volkerak/Zoommeer in 1990 en 1991
Resultaten van het in 1990 en 1991 uitgevoerde onderzoek naar de veranderingen in de abiotische kenmerken bodem, waterhuishouding en zouthuishouding, op de drooggevallen oevergebieden in het Volkerak-Zoommeer. Bij de permanente onderzoeksplekken zijn de grondwaterstanden gemeten en is de zouttoestand in de bodem bepaald. De ontzilting is verder gegaan. De ruimtelijke variatie in de zouttoestand is groter geworden, doordat sommige plekken al diep ontzilt zijn en er op andere plekken nog geen ontzilting of zelfs verzilting is opgetreden. Op enkele plekken is het zoutgehalte in de bodem rond de waterlijn bepaald. Op de waterlijn, waar het wisselend nat en droog is, lijkt de bodem tot zeker een halve meter diep ontzilt te zijn. Bij een waterdiepte van ongeveer 0,15 m zit er nog heel wat zout in de bodem. Dat kan de vestiging van oevervegetatie en waterplanten beïnvloeden.
- Datum rapport
- 1 januari 1993
- Auteur
- Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Directie Flevoland (RWS, FL); door H. Slager
- Uitgever
- Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Directie Flevoland (RWS, FL).
- Annotatie
-
37, [34] p.
fig., tab.
(Intern rapport / Directie Flevoland ; 1993-2 Lio)
Met lit. opg. - Documentnummer
- 47979